Overige links

---------------------------------

       >> Blog

       >> Gastenboek

       >> Weerstation

       >> Hobby

       >> Genialogie (Kooijman)

       >> Fotoalbum

Contact informatie

---------------------------------

Email: info@netschaapjes.be

Tel: 06


Volg ons op

------------------------------------

©Copyright 2016 by netschaapjes  Webdesign by Netschaapjes

Deze site wordt gehost door one.com

Website gemaakt met WebPlus X8

Disclaimer


Home schaapskuddes agenda geschiedenis over mij contact

Deel ons op

Facebook of Twitter


Face



Herkomst en geschiedenis van schapen


Schaap

Het schaap (Ovis aries) is een evenhoevig zoogdier, dat door de mens is gedomesticeerd  (tot landbouw huisdier gemaakt) om onder andere wol te leveren. Het is een herkauwer, nauw verwant met de geit. De soort behoort tot het geslacht Ovis, waar ook de moeflon en het dikhoornschaap toe behoren. Het mannetje wordt ram genoemd, het vrouwtje ooi en het jong een lam. Een gecastreerde ram heet een hamel; een leidinggevende hamel bij een kudde schapen of hamels draagt een bel en heet daarom belhamel.

Leefwijze

Een schaap kan een leeftijd van 15 tot 20 jaar halen, maar dit komt in de praktijk zelden voor: meestal worden ze veel eerder geslacht. Op hoge leeftijd verliest een schaap zijn tanden en kiezen waardoor het niet meer goed kan eten. Schapen hebben 32 tanden en kiezen; ze hebben geen hoektanden en bovenaan geen snijtanden. Boven en onder hebben ze 6 voorkiezen en 6 kiezen, en alleen in de onderkaak 8 snijtanden. Die gebruiken ze om gras en kruidachtigen af te snijden, met een beweging zoals een tondeuse. Het grazen gaat dus heel anders dan bij de koe die het gras met zijn tong lostrekt. Een schaap eet daarom veel korter gras dan een koe, en een boer kan wel eerst koeien in een wei zetten en daarna schapen, maar nooit andersom.

Historie

Het gedomesticeerde schaap stamt af van wilde schapen uit het geslacht Ovis. Er bestaan verschillende soorten wilde schapen, waaronder de oerial en het dikhoornschaap. De meest waarschijnlijke voorouders van het gedomesticeerde schaap zijn de moeflon (Ovis gmelini) uit Zuidwest-Azië en waarschijnlijk ook de argali (Ovis ammon) uit Centraal-Azië. Alle schaapstypen zijn kuddedieren. Het schaap werd, net als de geit, voor 7500 v.Chr. gedomesticeerd, en behoort tot de vroegst gedomesticeerde dieren. Vanuit het Midden-Oosten, waar het schaap waarschijnlijk is gedomesticeerd, verspreidde het schaap zich over de rest van de wereld. Gewoonlijk trok een schaapherder rond met zijn kudde om overbegrazing te voorkomen. In Nederland en België zal men vanaf ongeveer het 5e millennium v.Chr. schapen zijn gaan houden. Het houden van schapen in afgezette weiden werd pas in het laat-middeleeuwse Europa gedaan. Het grazen op brinken en meenten is een tussenfase.

Een schaap op zijn rug

Een schaap dat op zijn rug ligt en niet kan opstaan, noemt men een verwenteld schaap. Directe hulp is dan noodzakelijk, maar ondeskundige hulp kan leiden tot maagkanteling (maagtorsie), waardoor het dier in coma kan raken en kan sterven.

Schapenrassen

Gericht fokken en natuurlijke selectie door uiteenlopende leefomstandigheden hebben in de loop der eeuwen tot 970 rassen geleid die alle in het Engels beschreven zijn. Bekend is de Europese moeflon die voorkomt op Sardinië en Corsica en is uitgezet in grote delen van Europa; deze stamt waarschijnlijk af van verwilderde tamme schapen. Ook leeft er een verwilderde populatie schapen, zogenaamde Soay-schapen, op de Saint Kilda-archipel, ten noorden van Schotland. Sommige schapensoorten kunnen wel zes hoorns hebben, zoals het Hebrideanschaap.

Nederlandse rassen

Bij de Nederlandse rassen wordt onderscheid gemaakt tussen de heideschapen van de schrale heide en zandgrond, voornamelijk uit Oost-Nederland en Brabant, en weideschapen' van de voedzamere kleigronden.


Heideschapen

Heideschapen zijn ontstaan op voedselarme gronden. Men liet de beesten overdag op uitgestrekte, ruige gronden grazen en dreef ze 's avonds bijeen in de potstal. Zo kon de mest worden verzameld en weer gebruikt worden voor de armetierige akkers. Mede door de ontwikkeling van kunstmest zijn de dieren overbodig geworden en worden sommige rassen met uitsterven bedreigd. Bij de heideschapen wordt onderscheid gemaakt tussen grote heideschapen zoals het Veluwse en het Kempense heideschaap en de Schoonebeeker en kleine heideschapen, met als enige vertegenwoordiger het Drentse heideschaap.

Weideschapen

Weideschapen zijn ontstaan op voedselrijke gronden, zoals op de zware klei langs de rivieren en langs de kust of in het mergelland, met zijn eigen specifieke, maar rijke vegetatie. Weideschapen zijn op te splitsen in rassen die voor het vlees worden gehouden zoals de Texelaar en rassen die voor de melk worden gehouden zoals het Fries en Zeeuws melkschaap. Andere bekende weideschapen zijn het Mergellandschaap en de Zwartbles.


Bron: Wikipedia